Cane

Dit is "het stokje" wat je altijd gebruikt ziet worden bij de Engelse lijfstraffen en word gemaakt van rotan en is vaak zo'n 90 cm lang en 8 tot 10 mm dik.

Tegenwoordig zijn er ook canes van andere materialen zoals fiber. 

Een cane moet stevig en goed buigzaam zijn en als het even kan een handvat hebben.Dat handvat kan een kromming zijn, zoals bij een wandelstok of een handvat van leer of rubber. Zo'n handvat zorgt ervoor dat de cane niet uit je handen vliegt als je net even lekker bezig bent.

Het uiteinde van de cane moet wat afgerond zijn, als dit niet zo zou zijn zou de scherpe zaagsnede verwondingen bij je sub aan kunnen brengen.

 

Wil je voor het eerst met een cane gaan werken neem dan een korte, lichte. Hoe langer een cane is hoe pijnlijker hij is. Het gewicht van de cane verandert het gevoel en de intensiteit van de slag. Hoe dunner de cane des te meer bijtend het voelt. De dikkere canes zijn zwaarder/lomper en zijn meer geneigd om om de huid te kneuzen omdat zij door hun gewicht dieper doordringen. 

 

Voor het slaan met de cane zijn er twee verschillende technieken:

 

  • de Pols beweging.

Houdt de cane vast in je hand, plooi je elleboog in je lichaam en gebruik enkel je onderarm, gebruik een snelle pols-beweging om de cane naar het doel te bewegen.

 

  • de Arm en pols beweging.

Hierbij til je de arm open neer en eindig je de slag met de polsbeweging. Je snapt dat er dan meer "kracht" achter de slag zit.

 

Gebruik de cane alleen op de billen van het subje en sla niet steeds op dezelfde plaats het is beter en mooier om een streepjes patroon op de billen achter te laten.

Als je een cane gaat kopen kies er dan één die recht en glad is. Hij moet gesneden zijn zodat er geen hobbels in zitten of afgeschuurd zijn. Hij zou soepel moeten zijn - niet te stijf. Maak nooit de fout van bamboe te kopen in een tuincentrum aangezien het totaal ongeschikt is voor het slaan van zacht weefsel. Het is onbuigzaam, het splijt en versplintert gemakkelijk en het kan de huid snijden .